Pooh en Pensioen

Eén van de aardigste boekjes over management en het leven is geschreven door de Amerikaan Benjamin Hoff, The Tao of Pooh (1982). Aan de hand van beertje Pooh laat Hoff ons kennismaken met de leer en wijsheid van Lao-Tse, het Taoisme.  Dat geschiedt op een voor iedereen begrijpelijke manier met eenvoudige dialogen en prachtige beelden. Aansprekend is het beeld van ‘de azijnproevers’. Op een schilderij staan Confucius, Boeddha en Lao-Tse bij een vat azijn waarin ze zojuist een vinger hebben gedoopt om te proeven. De eerste trekt  een zuur gezicht, de tweede kijkt bitter en Lao-tse? Hij toont een glimlach. Kortweg komt het erop neer dat hij accepteert dat de wereld niet volmaakt is en dat het er vooral om gaat hoe wij als mensen daarmee omgaan.

Er is wat aan de hand met onze pensioenen. Een groot aantal pensioenfondsen staat technisch ‘onder water’, heeft een te lage dekkingsgraad. Met andere woorden: volgens de huidige spelregels is er te weinig in kas om toekomstige uitkeringen te kunnen garanderen laat staan waardevast te houden. In belangrijke mate wordt dit veroorzaakt door de aanhoudende lage rentestand en de gestegen leeftijdsverwachting van de deelnemers. Gevolg: er dreigen kortingen op de pensioenen (vanaf 2013).

Een en ander dwingt ons ook om eens goed te kijken naar ons huidige pensioenstelsel. Dat dateert nog uit het midden van de vorige eeuw en heeft de afgelopen decennia nauwelijks  veranderingen ondergaan. Pensioenfondsen, bestuurd door werkgevers en werknemers, trachten op gekunstelde wijze het pensioengebouw op te knappen. Daartoe werd na moeizaam en langdurig onderhandelen een Pensioenakkoord (2011) bereikt.  De FNV kraakt nog na. De inhoud van het akkoord is voor pensioendeskundigen al lastig te begrijpen. Het laat zich makkelijk raden wat de leek (gemiddelde deelnemer) ervan zal vinden. De uitwerking in wetgeving zal nog maanden duren en wordt door fondsen en verzekeraars met belangstelling en reserves tegemoet gezien. Intussen wordt binnen het stelsel krampachtig vastgehouden aan begrippen als solidariteit (met wie?) en verplichte deelname om het oude gebouw overeind te houden. Ook de politiek gaat zich nu actief bemoeien met pensioenen, een terrein dat arbeidsvoorwaardelijk toch was voorbehouden aan werkgevers en werknemers?

Er zijn echter ook níeuwe ontwikkelingen in de pensioenbranche. In de hectiek van de afgelopen periode verschijnen nieuwe aanbieders met frisse producten. Het wordt tijd dat er fundamenteel en creatief wordt nagedacht en gesproken over een nieuw duurzaam stelsel. Graag mét de goede elementen van het huidige stelsel (collectiviteit, beleggen), maar ook met een directere relatie tussen de inleg en de opbrengst van een deelnemer.

En belangrijk:  We zullen moeten accepteren dat het allemaal wat minder wordt!

Keep smiling!

Tags: